Woningen zonder voldoende verwarming

In 2020 verklaarde 4,1 procent van de Belgische bevolking zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer dalen naar nul procent. Dat doel wordt niet bereikt met een voortzetting van de trend sinds 2008 (gegevens beschikbaar in juni 2021). Het deel van de bevolking dat zijn woning niet voldoende kan verwarmen, evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Woningen zonder voldoende verwarming - België - trendevaluatie

procent van de bevolking

 2000200820102015202020252030
waarnemingen--6.45.65.24.1----
trend en extrapolatie (juni 2021)--6.36.15.34.33.63.3
doelstelling 20300.00.00.00.00.00.00.0

breuk in tijdreeks: 2019; gegevensverzameling 2020 verstoord door covid-19-pandemie

Statistics Belgium; Eurostat (2021), European Union Statistics on Income and Living Conditions (EU-SILC), ilc_mdes01, https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 02/06/2021) & berekeningen FPB.

Woningen zonder voldoende verwarming - België en internationale vergelijking

procent van de bevolking

 200820102015201920202020//20082020//20152019//2010
België6.45.65.23.94.1-3.6-4.6-3.9
EU27--9.99.66.9-------3.9
//: Gemiddelde groeivoeten

breuk in tijdreeks: BE 2019; gegevensverzameling BE 2020 verstoord door covid-19-pandemie

Statistics Belgium; Eurostat (2021), European Union Statistics on Income and Living Conditions (EU-SILC), ilc_mdes01, https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 02/06/2021).

Woningen zonder voldoende verwarming volgens gewest - België

procent van de bevolking

 2019
Brussels Hoofdstedelijk Gewest7.0
Vlaams Gewest1.6
Waals Gewest7.2

De onzekerheidsmarge voor deze indicator is aangegeven in de tekst voor het laatste jaar.

Statistics Belgium (2021), rechtstreekse mededeling, 30/10/2021.

Woningen zonder voldoende verwarming volgens huishoudentype - België

procent van de bevolking

 200820102015201920202020//20082020//2015
alleenstaande10.49.87.35.76.0-4.5-3.8
eenoudergezin16.413.312.38.28.0-5.8-8.2
twee volwassenen3.63.82.52.51.9-5.2-5.3
twee volwassenen met een afhankelijk kind4.53.14.42.94.2-0.6-0.9
twee volwassenen met twee afhankelijke kinderen4.02.54.02.42.2-4.9-11.3
twee volwassenen met drie of meer afhankelijke kinderen5.94.95.35.17.01.45.7
//: Gemiddelde groeivoeten

breuk in tijdreeks: 2019; gegevensverzameling 2020 verstoord door covid-19-pandemie

Statistics Belgium; Eurostat (2021), European Union Statistics on Income and Living Conditions (EU-SILC), ilc_mdes01, https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 02/06/2021).

Woningen zonder voldoende verwarming volgens inkomen - België

procent van de bevolking

 200820102015201920202020//20082020//2015
onder 60% van mediaan equivalent inkomen17.016.214.813.212.6-2.5-3.2
boven 60% van mediaan equivalent inkomen4.63.83.52.32.7-4.3-5.1
//: Gemiddelde groeivoeten

breuk in tijdreeks: 2019; gegevensverzameling 2020 verstoord door covid-19-pandemie

Statistics Belgium; Eurostat (2021), European Union Statistics on Income and Living Conditions (EU-SILC), ilc_mdes01, https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 02/06/2021).

Definitie: deze indicator meet het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen. De gegevens over deze indicator zijn gebaseerd op de enquête Statistics on Income and Living Conditions (EU-SILC) van de Europese Unie. Statistics Belgium organiseert deze binnen de EU geharmoniseerde enquête in België en stelt de resultaten ervan ter beschikking, onder meer aan Eurostat. De hier gebruikte gegevens komen van Eurostat dat gedetailleerde en vergelijkbare data voor de EU-lidstaten publiceert. Omdat de gegevens op een enquête gebaseerd zijn, moet er rekening gehouden worden met een onzekerheidsmarge. De betrouwbaarheidsintervallen zijn op verzoek verkrijgbaar bij Statistics Belgium.

De gegevens voor 2019 en 2020 zijn moeilijk met elkaar te vergelijken en zijn niet vergelijkbaar met de gegevens tot en met 2018. Vanaf 2019 werd de enquêtemethode grondig herzien met het oog op een grotere nauwkeurigheid. In 2020 verstoorde de covid-19-pandemie de gegevensverzameling. Gedetailleerde informatie hierover is beschikbaar op de website van Statistics Belgium (Statbel, 2021).

Doelstelling: het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen moet dalen naar nul procent in 2030.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten subdoelstelling 7.1: "Tegen 2030 universele toegang tot betaalbare, betrouwbare en moderne energiediensten garanderen". Zich kunnen verwarmen maakt deel uit van de toegang tot betaalbare energie. Het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen, zou dus naar nul moeten tenderen.

De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat doelstelling 21: "Energiediensten zullen voor iedereen toegankelijk zijn", wat coherent is met de SDG (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013).

Evolutie: de indicator blijft relatief stabiel; hij gaat van 6,4% in 2008 tot 5,2% in 2018. Tussen 2008 en 2020 schommelt hij tussen 4,4% en 7,1%, zonder dat een duidelijke trend zich aftekent. In 2020 bedraagt deze indicator, met de nieuwe methodologie gebruikt vanaf 2019, 4,1%.

Internationale vergelijking: deze indicator ligt iets hoger in Europa dan in België. In de EU27 is die indicator gedaald van ongeveer 10% in 2010 tot 6,9% in 2019, terwijl die in België stabiel is gebleven over die periode (rond 4% à 6%). In een verdeling van de lidstaten in drie groepen behoort België in 2019 tot de middelmatig presterende groep en het scoort beter dan het Europese gemiddelde.

Opsplitsing volgens gewest: het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen in 2019 is, met de nieuwe methodologie gebruikt vanaf 2019, 7,0% in Brussel (BI95% % 6,0 – 8,0), 1,6% in Vlaanderen (BI95% 1,1 – 2,1), 7,2% in Wallonië (BI95% 5,4 – 9,0) en 3,9% in België (BI95% 3,3 – 4,5). De vergelijking tussen gewesten en de analyse van de ontwikkeling van deze indicatoren in de tijd moet rekening houden met de omvang van de betrouwbaarheidsintervallen.

Opsplitsing volgens inkomen: het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen is bijzonder hoog (tussen 15% en 21% voor de periode 2008-2018) bij personen met een armoederisico (met een inkomen onder 60% van het mediaan equivalent inkomen). Bij de overige personen ligt het aandeel van de bevolking dat verklaart zijn woning niet voldoende te kunnen verwarmen aanzienlijk lager, ongeveer tussen 3% en 4%. In 2019 et 2020 bedragen deze waarden, met de nieuwe methodologie gebruikt vanaf 2019, ongeveer 13% (onder 60% van het mediaan equivalent inkomen) en 2,5% (boven dit niveau).

VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij subdoelstelling 7.1, aangezien het verwarmen van een woning deel uitmaakt van moderne energiediensten waartoe de bevolking toegang moet hebben.

Bronnen