In 2023 verklaarde 66,6% van de Belgische bevolking van 15 jaar of ouder minstens één keer per week contacten te hebben met vrienden, familie of collega’s. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, mag dit cijfer niet dalen. De trend is gunstig tussen 2002 en 2023 (evaluatie van november 2025).
Contact met vrienden en familie - België en internationale vergelijking
minstens een keer per week
procent van 15-jarigen en ouder
| 2002 | 2004 | 2006 | 2008 | 2010 | 2012 | 2014 | 2016 | 2018 | 2021 | 2023 | 2023//2002 | 2023//2016 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| België | 67.7 | 71.1 | 68.9 | 69.0 | 70.7 | 65.2 | 68.0 | 67.8 | 68.2 | 68.3 | 66.6 | -0.1 | -0.2 |
| Duitsland | 59.9 | 52.5 | 56.1 | 56.3 | 60.2 | 58.0 | 55.4 | 59.5 | 59.5 | 47.9 | 58.5 | -0.1 | -0.3 |
| Frankrijk | 66.6 | 67.0 | 66.2 | 67.8 | 65.3 | 67.2 | 65.2 | 69.8 | 67.7 | 67.8 | 71.8 | 0.4 | 0.4 |
| Nederland | 71.9 | 73.6 | 77.9 | 76.9 | 75.2 | 76.7 | 73.9 | 79.0 | 74.9 | 73.2 | 75.2 | 0.2 | -0.7 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van ESS (2025), Dataset European Social Survey, http://www.europeansocialsurvey.org/, laatste update van data 02/06/2025 (geraadpleegd op 01/10/2025)
Contact met vrienden en familie volgens geslacht - België
minstens een keer per week
procent van 15-jarigen en ouder
| 2002 | 2004 | 2006 | 2008 | 2010 | 2012 | 2014 | 2016 | 2018 | 2021 | 2023 | 2023//2002 | 2023//2016 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| vrouwen | 67.8 | 71.3 | 69.4 | 67.4 | 70.2 | 66.3 | 67.8 | 69.0 | 68.5 | 68.9 | 66.6 | -0.1 | -0.5 |
| mannen | 67.6 | 70.9 | 68.3 | 70.7 | 71.3 | 63.9 | 68.2 | 66.6 | 67.9 | 67.7 | 66.7 | -0.1 | 0.0 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van ESS (2025), Dataset European Social Survey, http://www.europeansocialsurvey.org/, laatste update van data 02/06/2025 (geraadpleegd op 01/10/2025)
Contact met vrienden en familie volgens inkomen - België
minstens een keer per week
procent van 15-jarigen en ouder
| 2010 | 2012 | 2014 | 2016 | 2018 | 2021 | 2023 | 2023//2010 | 2023//2016 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| kwintiel 1 | 65.2 | 66.2 | 66.8 | 64.9 | 68.4 | 63.0 | 59.9 | -0.6 | -1.1 |
| kwintiel 2 | 71.2 | 64.0 | 64.9 | 62.2 | 66.8 | 70.6 | 60.5 | -1.2 | -0.4 |
| kwintiel 3 | 67.9 | 63.6 | 65.8 | 62.4 | 63.6 | 64.9 | 59.6 | -1.0 | -0.6 |
| kwintiel 4 | 70.0 | 67.7 | 67.1 | 73.2 | 70.0 | 68.0 | 74.3 | 0.5 | 0.2 |
| kwintiel 5 | 74.5 | 64.5 | 66.0 | 77.5 | 72.6 | 72.8 | 73.3 | -0.1 | -0.8 |
| //: Gemiddelde groeivoeten | |||||||||
Bron: Berekeningen FPB op basis van ESS (2025), Dataset European Social Survey, http://www.europeansocialsurvey.org/, laatste update van data 02/06/2025 (geraadpleegd op 01/10/2025)
Definitie: sociale contacten worden gedefinieerd door het resultaat van de European Social Survey (ESS) en meer bepaald door “minstens één keer per week” te antwoorden op de vraag "hoe vaak u vrienden, familie of collega’s ontmoet” om sociale redenen (niet vanwege het werk of uit zuiver plichtsgevoel, maar omdat ze ervoor kiezen om vrienden, familie of collega's te ontmoeten; dat komt overeen met de oorspronkelijke Europese vragenlijst en met de Nederlandstalige vragenlijst. De Franstalige vragenlijst preciseert enkel "niet vanwege het werk"). Die vraag kwam telkens aan bod in de elf tweejaarlijkse enquêtes van de ESS. Door de covid-19-pandemie werd de enquête van 2020 uitgesteld naar 2021. Het FPB berekent de indicator met de gegevens van de ESS. Omdat de gegevens op een enquête gebaseerd zijn, moet er rekening gehouden worden met een onzekerheidsmarge. De betrouwbaarheidsintervallen (BI) die met deze gegevens overeenkomen, zijn op verzoek verkrijgbaar.
Voor deze indicator zijn volgende opsplitsingen beschikbaar: geslacht en inkomen.
Doelstelling: het aandeel personen dat aangeeft minstens één keer per week sociaal contact te hebben mag niet dalen.
De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten het volgende doel: "Bevorder vreedzame en inclusieve samenlevingen met het oog op duurzame ontwikkeling, verzeker toegang tot justitie voor iedereen en bouw op alle niveaus doeltreffende, verantwoordelijke en inclusieve instellingen uit" (doel 16). Sociale netwerken, of familie en vrienden hebben, zijn een belangrijke bijdrage tot vreedzame en inclusieve samenlevingen.
De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling heeft als eerste uitdaging: Een maatschappij die de sociale cohesie bevordert (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013). Om aan deze sociale cohesie bij te dragen, wordt er als impliciete doelstelling beschouwd dat het aandeel personen dat aangeeft minstens één keer per week sociaal contact te hebben met vrienden of familie om sociale redenen, als maatstaf voor het sociaal kapitaal, niet mag dalen.
VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij doel 16. Sociale netwerken, of familie en vrienden hebben, zijn een belangrijke bijdrage tot vreedzame en inclusieve samenlevingen.
Deze indicator wordt gebruikt om de composiete indicator Sociaal kapitaal te berekenen.
Bronnen
2025 © cic@plan.be