Officiële ontwikkelingshulp

In 2016 bedroeg de Belgische officiële ontwikkelingshulp 0,49 procent van het bruto nationaal inkomen. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet die hulp stijgen naar 0,7 procent. Dat doel wordt niet bereikt met een voortzetting van de trend sinds 2000. De officiële ontwikkelingshulp evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

TRENDEVALUATIE: Officiële ontwikkelingshulp - België

procent van het bruto nationaal inkomen

 20002005201020152016202020252030
waarnemingen0.360.530.640.420.49------
trend en extrapolatie0.400.480.510.470.470.440.430.42
doelstelling0.700.700.700.700.700.700.700.70

OECD (2017), OECD.Stat, Theme: Development > Flows by Provider > Total flows by donor (ODA+OOF+Private) [DAC1], http://stats.oecd.org/ (geraadpleegd op 07/11/2017); berekeningen FPB.

Officiële ontwikkelingshulp

procent van het bruto nationaal inkomen

 1990200020102011201220132014201520162016//19902016//2011
België0.460.360.640.540.480.450.460.420.490.30-1.66
OESO DAC0.320.220.310.310.280.300.300.300.320.000.64
EU-28----0.440.420.390.410.410.460.51--3.96
//: gemiddelde groeivoeten

OECD (2017), OECD.Stat, Theme: Development > Flows by Provider > Total flows by donor (ODA+OOF+Private) [DAC1], http://stats.oecd.org/ en Eurostat (2017), Official development assistance as share of gross national income [tsdgp100], http://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 07/11/2017).

Deze tekst komt uit het Federaal rapport inzake duurzame ontwikkeling 2017.

Definitie: de officiële ontwikkelingshulp (Official Development Assistance of ODA) bestaat uit giften en leningen (met een gift-element van minstens 25 %) die de overheidssector verstrekt aan ontwikkelingslanden en die economische en sociale ontwikkeling als voornaamste doelstelling hebben (OECD, 2017a). De ODA omvat zowel financiële stromen als de zogenaamde technische bijstand. Ook bepaalde bijdragen aan internationale instellingen behoren tot de ODA. Die indicator wordt uitgedrukt in procent van het bruto nationaal inkomen. De statistieken over ontwikkelingshulp worden opgesteld volgens de regels van het Comité voor Ontwikkelingshulp (Development Assistance Committee, DAC) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). De gegevens over België en de DAC-landen komen van de OESO (OECD, 2017b), die over de EU-28 van Eurostat (2017).

Cijferdoel: 0,7 % van het bruto nationaal inkomen besteden aan officiële ontwikkelingshulp. Over dat cijferdoel worden reeds afspraken gemaakt sinds de jaren 1970 (UN, 1970). In België bevat de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische ontwikkelingssamenwerking het volgende cijferdoel: "De Belgische ontwikkelingssamenwerking […] draagt bij aan het respect voor en de uitwerking van de internationale engagementen die België heeft aangegaan, met inbegrip van de kwantitatieve doelstelling om 0,7% van het Bruto Nationaal Inkomen (BNI) te besteden aan Officiële ontwikkelingshulp" (BS, 2013b, artikel 9).

Subdoelstelling: 17.2 Ontwikkelde landen dienen ten volle hun verbintenissen aangaande officiële ontwikkelingshulp te implementeren, waaronder ook de verbintenis van vele ontwikkelde landen om 0,7% van het bruto nationaal inkomen te besteden aan officiële ontwikkelingshulp voor ontwikkelingslanden (ODA/GNI) en 0,15% tot 0,20% voor de minst ontwikkelde landen; ODA-donoren worden aangemoedigd om voor zichzelf een doelstelling te bepalen om minstens 0,2% te besteden aan de minst ontwikkelde landen.

I-SDG: 17.2.1 Netto officiële ontwikkelingshulp, totaal en voor de minst ontwikkelde landen, als aandeel van het bruto nationaal inkomen van de donorlanden van het Comité voor Ontwikkelingshulp van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).