Officiële ontwikkelingshulp

  •  08/02/2018
The chart will appear within this DIV.

Officiële ontwikkelingshulp

procent van het bruto nationaal inkomen

 1990200020102011201220132014201520162016//19902016//2011
België0.460.360.640.540.480.450.460.420.490.30-1.66
OESO DAC0.320.220.310.310.280.300.300.300.320.000.64
EU-28----0.440.420.390.410.410.460.51--3.96
//: gemiddelde groeivoeten

OECD (2017), OECD.Stat, Theme: Development > Flows by Provider > Total flows by donor (ODA+OOF+Private) [DAC1], http://stats.oecd.org/ en Eurostat (2017), Official development assistance as share of gross national income [tsdgp100], http://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 07/11/2017).

Deze tekst komt uit het rapport Aanvullende indicatoren naast het bbp van februari 2018.

Definitie: de officiële ontwikkelingshulp (Official Development Assistance of ODA) bestaat uit giften en leningen (met een giftelement van minstens 25 %) die de overheidssector verstrekt aan ontwikkelingslanden en die economische en sociale ontwikkeling als voornaamste doelstelling hebben. De ODA omvat zowel financiële stromen als de zogenaamde technische bijstand. Ook bepaalde bijdragen aan internationale instellingen behoren tot de ODA. Die indicator wordt uitgedrukt in procent van het bruto nationaal inkomen. De statistieken over ontwikkelingshulp worden opgesteld volgens de regels van het Comité voor Ontwikkelingshulp (Development Assistance Committee, DAC) van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de gegevens komen dan ook van de OESO (2017) voor België en de DAC-landen en van Eurostat (2017) voor de EU-28.

Evolutie: in 2016 bedroeg de Belgische officiële ontwikkelingshulp 2,3 miljard US dollar of 0,49 % van het bruto nationaal inkomen (bni). Dat is iets meer dan de 0,46 % in 1990. Tijdens de jaren 1990 daalde de ODA, tot het dieptepunt van 0,30 % van het bni in 1999. Daarna werd de dalende trend omgebogen, weliswaar met aanzienlijke schommelingen van jaar tot jaar. De ODA bereikte in 2010 met 0,64 % zijn hoogste niveau, waarna die weer daalde. De norm van 0,7 % werd niet gehaald en gezien de moeilijke begrotingsomstandigheden lijkt die wettelijk vastgelegde doelstelling niet onmiddellijk bereikbaar.

In een verdeling van de DAC-landen in drie groepen behoort België in 2016 tot de middelmatig presterende groep en het scoort beter dan het DAC-gemiddelde. Zes landen bereikten de 0,7 %-doelstelling: Noorwegen, Luxemburg, Zweden Denemarken, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. De totale ODA van de DAC-landen bedroeg in dat jaar 142,6 miljard US dollar of 0,32 % van hun gezamenlijke bni. Meer dan de helft van de DAC-hulp is afkomstig van EU-landen: in 2016 was dat 57 % van het totaal. In absolute bedragen waren de Verenigde Staten de grootste donor, gevolgd door Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, Japan en Frankrijk; België kwam op de vijftiende plaats. Sinds 1990 ligt de Belgische ODA in procent van het bni steeds hoger dan het DAC-gemiddelde. Behalve in 2015 en 2016 scoorde België ook beter dan het gemiddelde van de EU-28.

Doelstelling: de duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (SDG’s) bevatten een doel (nummer 17) over de middelen en het wereldwijde partnerschap om de doelen te realiseren. Tot die middelen behoort de financiering, gepreciseerd door onder meer de volgende subdoelstelling: "Ontwikkelde landen dienen ten volle hun verbintenissen aangaande officiële ontwikkelingshulp te implementeren, waaronder ook de verbintenis van vele ontwikkelde landen om [daaraan] 0,7 % van het bruto nationaal inkomen te besteden" (subdoelstelling 17.2).

In België bevat de wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische ontwikkelingssamenwerking het volgende cijferdoel: "De Belgische ontwikkelingssamenwerking […] draagt bij aan het respect voor en de uitwerking van de internationale engagementen die België heeft aangegaan, met inbegrip van de kwantitatieve doelstelling om 0,7 % van het Bruto Nationaal Inkomen (BNI) te besteden aan Officiële ontwikkelingshulp" (artikel 9) [BS (2013). Wet van 19 maart 2013 betreffende de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. Belgisch Staatsblad 12/04/2013, pp.22563-22569].

Om in de richting van de doelstelling te gaan, moet de officiële ontwikkelingshulp stijgen.