Langdurige arbeidsongeschiktheid

In 2019 was 11,1 procent van de Belgische werkende bevolking in de privésector langdurig arbeidsongeschikt. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer dalen.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Langdurige arbeidsongeschiktheid - België

procent van totale werkgelegenheid

 2005201020142015201820192019//20052019//2014
België6.57.69.29.810.711.13.93.9
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (2020), Instituut voor de Nationale Rekeningen (2020) en Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (2020).

Langdurige arbeidsongeschiktheid volgens gewest - België

procent van totale werkgelegenheid

 2005201020142015201820192019//20052019//2014
Brussels Hoofdstedelijk Gewest7.57.48.58.99.510.02.03.3
Vlaams Gewest5.56.57.88.38.99.23.73.3
Waals Gewest8.09.812.213.114.214.74.43.7
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (2020), Instituut voor de Nationale Rekeningen (2020) en Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (2020).

Langdurige arbeidsongeschiktheid volgens geslacht - België

procent van totale werkgelegenheid

 2005201020142015201820192019//20052019//2014
vrouwen7.29.111.412.313.914.55.24.9
mannen6.06.47.47.88.28.42.42.5
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (2020), Instituut voor de Nationale Rekeningen (2020) en Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (2020).

Langdurige arbeidsongeschiktheid volgens leeftijd - België

procent van totale werkgelegenheid

 2005201020142015201820192019//20052019//2014
<250.30.40.50.50.30.31.6-5.6
25-493.84.45.55.96.36.53.93.4
50-6419.419.621.422.223.624.31.62.6
>641.11.71.61.71.61.62.7-0.7
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (2020), Instituut voor de Nationale Rekeningen (2020) en Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (2020).

Langdurige arbeidsongeschiktheid volgens ziekte - België

procent van totaal

 2005201020142015201820192019//20052019//2014
psychisch31.633.234.134.535.435.80.90.9
bot-spierstelsel en bindweefsel25.527.129.530.331.031.41.51.2
zenuwstelsel6.26.06.05.96.56.50.31.7
gezwellen6.16.56.46.25.75.7-0.5-2.3
hart en vaatstelsel9.88.06.76.35.45.3-4.4-4.6
andere20.819.217.416.815.915.4-2.1-2.4
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (2020).

Definitie: het aandeel van de personen (16 jaar of ouder) met een arbeidsongeschiktheid van meer dan een jaar in de totale werkgelegenheid (werknemers en zelfstandigen) in de particuliere sector in België. De indicator wordt door het FPB berekend op basis van gegevens van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV), het Instituut voor de Nationale Rekeningen (INR) en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ).

Doelstelling: het aandeel personen met een langdurige arbeidsongeschiktheid moet dalen.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten doel 8: "Bevorder aanhoudende, inclusieve en duurzame economische groei, volledige en productieve tewerkstelling en waardig werk voor iedereen".

De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat doelstelling 11: "De arbeidsomstandigheden zullen gedurende de hele loopbaan aangepast worden om ervoor te zorgen dat de levenskwaliteit verbetert en dat men langer kan werken" (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013). Het is dus noodzakelijk om de evolutie te kennen van het aandeel van de bevolking dat mogelijk moet kunnen genieten van aangepaste werkomstandigheden.

Evolutie: in de periode 2005-2019 stijgt het aandeel personen met een langdurige arbeidsongeschiktheid van 6,5% naar 11,1%.

Internationale vergelijking: er zijn geen vergelijkbare gegevens op Europees niveau.

Opsplitsing volgens gewest: het aandeel personen met een langdurige arbeidsongeschiktheid in 2019 bedraagt 10,0% in Brussel, 9,2% in Vlaanderen en 14,7% in Wallonië. Voor België is dit cijfer 11,1%.

Opsplitsing volgens geslacht: het aandeel vrouwen met een langdurige arbeidsongeschiktheid ligt hoger dan dat van mannen: in 2019 ongeveer 14% tegenover 8%. Dat verschil neemt toe, van 1,2 procentpunt in 2005 tot 6,1 procentpunt in 2019.

Opsplitsing volgens leeftijd: het aandeel personen met een langdurige arbeidsongeschiktheid bedraagt ongeveer 6% voor de 25-49-jarigen, tegenover ongeveer 24% voor de 50-64-jarigen. Voor de vier leeftijdscategorieën stijgt dat aandeel tussen 2005 en 2019. De stijging is groter voor de 25-49-jarigen en de 50-64-jarigen, namelijk zij die het grootste deel van de beroepsbevolking in België vormen.

Opsplitsing volgens de oorzaak van de ongeschiktheid: het aandeel van personen met langdurige arbeidsongeschiktheid als gevolg van Psychische stoornissen en gedragsstoornissen is het grootste en is het aandeel dat het meeste toeneemt: van 31,6% van de oorzaken van ongeschiktheid in 2005 tot 35,8% in 2019. De evolutie van de tweede grootste oorzaak van ongeschiktheid, Ziekten van bot-spierstelsel en bindweefsel, neemt toe van 25,5% in 2005 tot 31,4% in 2019. De Ziekten van hart en vaatstelsel dalen in de beschouwde periode, van 9,8% tot 5,3%. Het aandeel van de ongeschiktheid veroorzaakt door Nieuwvormingen (gezwellen) en Ziekten van het zenuwstelsel is stabiel en bedraagt ongeveer 6% van het totaal voor elk van hen.

VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij doel 8, aangezien hij informeert over de capaciteit van de bevolking om actief te zijn op de arbeidsmarkt.

Deze indicator wordt gebruikt om de composiete indicator van het welzijn hier en nu, gepubliceerd in het rapport Aanvullende indicatoren naast het bbp, te berekenen.

Bronnen