Onderzoek en ontwikkeling

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

TRENDEVALUATIE: Onderzoek en ontwikkeling - België

bruto binnenlandse uitgaven in procent van het bbp

 20002005201020152016202020252030
waarnemingen1.91.82.12.52.5------
trend en extrapolatie (waarnemingen tot 2015)1.91.92.12.52.62.83.13.2
doelstelling 2020 en later3.03.03.03.03.03.03.03.0

trend en extrapolatie houden rekening met waarnemingen tot 2015

Eurostat (2017), Intramural R&D expenditure (GERD) by sectors of performance [rd_e_gerdtot], http://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 24/11/2017) en berekeningen FPB.

Onderzoek en ontwikkeling

bruto binnenlandse uitgaven in procent van het bbp

 19952000200520102011201220132014201520162016//19952016//2011
België1.61.91.82.12.22.32.32.42.52.52.02.9
EU-28--1.81.71.92.02.02.02.02.02.0--0.3
//: gemiddelde groeivoeten

Eurostat (2017), Intramural R&D expenditure (GERD) by sectors of performance [rd_e_gerdtot], http://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 24/11/2017).

Deze tekst komt uit het Federaal rapport inzake duurzame ontwikkeling 2017.

Definitie: de voorgestelde indicator is de BUOO’s (bruto binnenlandse uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling – O&O), in procent van het bruto binnenlands product (bbp). Het standaardaggregaat voor BUOO’s zijn alle bruto binnenlandse uitgaven die gespendeerd worden aan O&O-werkzaamheden op het nationale grondgebied over een periode van 12 maanden (Biatour et al., 2012). “Onderzoek en experimentele ontwikkeling omvat creatief werk op systematische basis om de hoeveelheid kennis met inbegrip van de kennis van de mens, de cultuur en de samenleving te vergroten, evenals het gebruik van deze hoeveelheid kennis voor het ontwerpen van nieuwe toepassingen" (OECD, 2002, Frascati Manual, § 63, vertaling FPB). De gegevens zijn afkomstig van Eurostat (2017q).

Cijferdoel: in het Nationaal hervormingsprogramma dat België in 2011 heeft goedgekeurd in het kader van de Europa 2020-strategie (Europese Raad, 2010), heeft België zich ertoe verbonden 3 % van zijn bbp aan O&O-uitgaven te besteden in 2020 (Federale regering, 2011). Dat cijferdoel werd voor het eerst goedgekeurd in het kader van de Strategie van Lissabon tijdens de Europese Raad van Barcelona in 2002 om die 3 % te bereiken tegen 2010 (Europese Raad, 2002). De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling herneemt eveneens dat cijferdoel: "de budgetten voor onderzoek & ontwikkeling zullen minstens 3% van het bbp bedragen en nemen jaar na jaar toe" (doelstelling 49).

Aangezien de verbintenissen tegen 2020 en tegen 2050, 3 % vooropstellen als cijferdoel, wordt dit ook als cijferdoel beschouwd tegen 2030.

Subdoelstelling: 9.5 Verbeteren van het wetenschappelijk onderzoek, moderniseren van de technologische capaciteiten van industriesectoren in alle landen, in het bijzonder in ontwikkelingslanden, waarbij ook tegen 2030 innovatie wordt aangemoedigd en op aanzienlijke wijze het aantal onderzoeks- en ontwikkelingswerkers per miljoen inwoners wordt verhoogd en waarbij ook meer wordt uitgegeven aan publiek en privaat onderzoek en ontwikkeling.

I-SDG: 9.5.1 Uitgaven voor onderzoek en ontwikkeling in procent van het bbp.