Overmatige schuldenlast van de gezinnen

In 2016 hadden in België 95.600 personen een collectieve schuldenregeling. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer dalen. Dat doel wordt niet bereikt met een voortzetting van de trend sinds 2007. De overmatige schuldenlast van de gezinnen evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

TRENDEVALUATIE: Overmatige schuldenlast van de gezinnen - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 2007201020152016
waarnemingen57.076.297.695.6

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
België57.061.068.176.283.989.092.497.197.695.65.92.6
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens geslacht - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
vrouwen27.929.933.237.140.743.244.947.247.446.35.82.6
mannen29.031.134.839.143.245.847.549.950.249.26.02.7
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens leeftijd - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
18-241.41.62.12.32.42.22.12.01.91.72.0-6.7
25-3412.113.014.817.119.020.020.721.521.020.05.71.0
35-4418.118.720.222.224.125.326.427.827.827.34.72.6
45-5415.416.718.520.422.323.824.525.726.225.85.92.9
55-647.58.19.210.511.812.813.514.514.814.87.94.6
>642.42.73.23.64.24.85.15.65.96.010.57.3
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Deze tekst komt uit het Federaal rapport inzake duurzame ontwikkeling 2017.

Definitie: personen die geconfronteerd worden met overmatige schuldenlast of ernstige financiële moeilijkheden kunnen een beroep doen op de gerechtelijke procedure van collectieve schuldenregeling. Een schuldbemiddelaar zal in het kader van die procedure een aanzuiveringsplan van alle uitstaande schulden opstellen en het maandbedrag bepalen dat de betrokkene nodig heeft voor zijn lopende uitgaven. Dat bedrag moet voldoende zijn om een menswaardig bestaan te leiden en kan niet lager liggen dan het leefloonbedrag op maandbasis. De Centrale voor kredieten aan particulieren (CKP) centraliseert in België bepaalde gegevens over het aantal lopende collectieve schuldenregelingen. Die indicator wordt uitgedrukt in duizenden personen en de gegevens komen van de Nationale Bank van België (2017).

Cijferdoel: er is geen cijferdoel voor deze indicator. De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling vermeldt evenwel de volgende doelstelling: "Iedereen zal beschikken over een inkomen uit arbeid, uit vermogen of afkomstig van sociale beschermingsstelsels en heeft toegang tot diensten van algemeen belang. Iedereen zal aldus gedurende alle fasen van zijn leven kunnen voorzien in alle behoeften om menswaardig te leven" (doelstelling 2).

Omdat de procedure van collectieve schuldenregeling specifiek gericht is op personen die door hun overmatige schulden in een situatie dreigen terecht te komen die het hen onmogelijk maakt menswaardig te leven, wordt in dit rapport een daling van het aantal personen met een collectieve schuldenregeling als impliciete doelstelling beschouwd die aansluit bij bovenvermelde doelstelling van de Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling.

Subdoelstelling: 1.4 Er tegen 2030 voor zorgen dat alle mannen en vrouwen, in het bijzonder de armen en de kwetsbaren, gelijke rechten hebben op economische middelen, alsook toegang tot basisdiensten, eigenaarschap en controle over land en andere vormen van eigendom, nalatenschap, natuurlijke hulpbronnen, gepaste nieuwe technologie en financiële diensten, met inbegrip van microfinanciering.

I-SDG: 1.4.1 Deel van de bevolking dat leeft in huishoudens met een toegang tot de basisdiensten.