Uitstoot van broeikasgassen niet-ETS

In 2016 bedroeg de uitstoot van broeikasgassen van de niet-ETS-sectoren (buiten het emissiehandelssysteem van de Europese Unie: huisvesting, vervoer, diensten, landbouw…) in België 74,5 miljoen ton CO2-equivalent. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat cijfer dalen naar 51,0 miljoen ton. Volgens de projecties van het Federaal Planbureau wordt dat doel niet bereikt. De uitstoot van broeikasgassen niet-ETS evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Uitstoot van broeikasgassen niet-ETS - België - trendevaluatie

miljoen ton CO2-equivalent

 2000200520102015202020252030
waarnemingen--78.577.772.7------
projectie--------66.5--64.6
doelstelling 203051.251.251.251.251.251.251.2

Eurostat (2017), Greenhouse gas emissions in ESD sectors [t2020_35], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 27/10/2017); FPB (2014), Het Belgische energiesysteem in 2050: waar naartoe? Beschrijving van een referentiescenario voor België.

Uitstoot van broeikasgassen niet-ETS - België

miljoen ton CO2-equivalent

 200520102011201220132014201520162016//20052016//2011
België78.577.772.272.674.370.172.774.5-0.50.6
//: Gemiddelde groeivoeten

Eurostat (2018), Greenhouse gas emissions in ESD sectors [t2020_35], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 04/10/2018).

Uitstoot van broeikasgassen niet-ETS - EU28

miljard ton CO2-equivalent

 200520102011201220132014201520162016//20052016//2011
EU282.92.72.62.62.62.52.52.5-1.0-0.6
//: Gemiddelde groeivoeten

Eurostat (2018), Greenhouse gas emissions in ESD sectors [t2020_35], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 04/10/2018).

Uitstoot van broeikasgassen niet-ETS - België en internationale vergelijking

ton CO2-equivalent per inwoner

 200520102011201220132014201520162016//20052016//2011
België7.57.16.56.56.76.36.56.6-1.20.1
EU285.85.45.25.25.14.94.95.0-1.3-0.9
//: Gemiddelde groeivoeten

Berekeningen FPB op basis van Eurostat (2018), Greenhouse gas emissions in ESD sectors [t2020_35] en Population change - Demographic balance and crude rates at national level, Population on 1 January [demo_gind], https://ec.europa.eu/eurostat (geraadpleegd op 04/10/2018).

Definitie: de uitstoot van broeikasgassen (BKG) niet-ETS is de uitstoot van de sectoren die niet vallen onder het Europese emissiehandelssysteem (in het Engels ETS, Emission Trading System). In 2005 werd het ETS ingevoerd in de Europese Unie voor ondernemingen die veel CO2 uitstoten (bijvoorbeeld de elektriciteitsproductie, de metaalnijverheid, de niet-metaalhoudende mineralen of de meststoffen). Daardoor wordt de BKG-uitstoot onderverdeeld in uitstoot van de ETS-sector en uitstoot van de niet-ETS-sectoren, die voornamelijk het vervoer (buiten de luchtvaart), de diensten, de woningen, de landbouw, het afval en de industrieën die niet onder het ETS vallen, omvatten. De indicator wordt uitgedrukt in miljoen ton CO2-equivalent (Mt CO2-eq.). Voor de vergelijking tussen de EU28-landen wordt de uitstoot per inwoner gebruikt. De gegevens komen van Eurostat.

Doelstelling: de uitstoot van broeikasgassen niet-ETS moet met 35% dalen tussen 2005 en 2030.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten doel 13: "Neem dringend actie om de klimaatverandering en haar impact te bestrijden".

De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat doelstelling 31: "De Belgische emissies van broeikasgassen zullen in 2050 in eigen land met minstens 80 tot 95% gedaald zijn ten opzichte van hun niveau in 1990" (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013).

Op Europees niveau is de doelstelling uit het Klimaat- en energiekader 2030, de niet-ETS-uitstoot met 40% verminderen tegen 2030. Verordening (EU) 2018/842 betreffende bindende jaarlijkse broeikasgasemissiereducties verdeelt deze doelstelling over de lidstaten (Publicatieblad van de Europese Unie, 19/06/2018). Voor België bedraagt de reductiedoelstelling 35% tussen 2005 en 2030. Die waarde wordt als doelstelling gebruikt, ook al bevat de richtlijn flexibiliteitsmechanismen die deze waarde marginaal kunnen veranderen.

Evolutie: tussen 2005 en 2016 daalde de BKG-uitstoot van de niet-ETS-sectoren in België gemiddeld met 0,5% per jaar, van 78,5 tot 74,5Mt CO2-equivalent. Die neerwaartse trend kan onder andere toegeschreven worden aan de resultaten van het gevoerde beleid (bijvoorbeeld het verbruik van wagens en de energieprestatie van gebouwen), de financieel-economische crisis en de prijsschommelingen van energie. Bovendien verklaren de schommelingen in de vraag naar verwarming van gebouwen die toe te schrijven zijn aan de veranderingen van de jaarlijkse weersomstandigheden, grotendeels de jaarlijkse variabiliteit van de BKG-uitstoot in de niet-ETS-sectoren.

Internationale vergelijking: in de periode 2005-2016 daalde de BKG-uitstoot in de niet-ETS-sectoren in België (‑5,0%) minder dan in de EU28 (-10,8%). Per inwoner uitgedrukt, bedraagt de niet-ETS-uitstoot in België 6,6 ton tegenover gemiddeld 5,0 in de EU28, in 2016. In een verdeling van de lidstaten in drie groepen behoort België in 2015 tot de slechtst presterende groep. Enkel Luxemburg en Ierland hebben een hogere uitstoot per inwoner.

VN-indicator: de gekozen indicator stemt met geen enkele SDG-indicator overeen, maar sluit wel aan bij doel 13. De strijd tegen de klimaatverandering vergt immers een aanzienlijke daling van de uitstoot van broeikasgassen.

Bronnen