Vervoer van personen met de wagen

In 2016 werd in België 81,0 procent van het vervoer van personen, gemeten in reizigerskilometer, met de wagen gerealiseerd. Om de duurzame-ontwikkelingsdoelstelling tegen 2030 te realiseren, moet dat aandeel dalen naar 65 procent. Volgens de projecties van het Federaal Planbureau wordt dat doel niet bereikt. Het vervoer van personen met de wagen evolueert dus ongunstig.

The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Vervoer van personen met de wagen - België - trendevaluatie

procent van het vervoer in reizigerskilometer

 20002005201020152016202020252030
waarnemingen82.479.279.080.581.0------
projectie----------81.182.182.7
doelstelling 203065.065.065.065.065.065.065.065.0

European Commission (2018), European transport in figures 2018, http://ec.europa.eu/transport/facts-fundings/statistics_en (geraadpleegd op 27/09/2018); FPB en FOD Mobiliteit en Vervoer (2015), Vooruitzichten van de transportvraag in België tegen 2030.

Vervoer van personen met de wagen - België en internationale vergelijking

procent van het vervoer in reizigerskilometer

 19902000200520102011201520162016//19902016//2011
België82.882.479.279.078.980.581.0-0.10.5
EU28--81.181.781.581.281.181.3--0.0
//: Gemiddelde groeivoeten

European Commission (2018), European transport in figures 2018, http://ec.europa.eu/transport/facts-fundings/statistics_en (geraadpleegd op 27/09/2018).

Definitie: het modale aandeel van de wagen in het vervoer van personen is het aandeel van het totale vervoer dat met de wagen gerealiseerd wordt. De andere beschouwde vervoerswijzen zijn collectief vervoer: trein, bus, touringcar, tram en metro. Om redenen van gegevensverzameling zijn motoren in de wagencategorie inbegrepen. Het vervoer wordt gemeten in reizigerskilometer, verkregen door voor elke verplaatsing het aantal passagiers te vermenigvuldigen met het aantal afgelegde kilometer. De gegevens komen van de Europese Commissie – DG MOVE om een vergelijking met de EU28 mogelijk te maken. De indicator wordt voor België ook door het FPB berekend op basis van gegevens uit verscheidene bronnen (publicaties van de FOD Mobiliteit en Vervoer; FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie – Algemene Directie Statistiek; jaarverslagen van de NMBS, De Lijn, Tec en MIVB). Het verschil tussen de twee schattingen van die indicator is kleiner dan 1%.

Doelstelling: het modale aandeel van de wagen moet in 2030 65% bedragen.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen of SDG’s die de Verenigde Naties in 2015 hebben aangenomen, bevatten subdoelstelling 9.1: "Ontwikkelen van kwalitatieve, betrouwbare, duurzame en veerkrachtige infrastructuur, met inbegrip van regionale en grensoverschrijdende infrastructuur, ter ondersteuning van de economische ontwikkeling en het menselijk welzijn, met klemtoon op een betaalbare en billijke toegang voor iedereen".

De Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling vermeldt doelstelling 23: "Collectieve vervoerswijzen zullen primeren boven individuele vervoerswijzen" (Belgisch Staatsblad, 08/10/2013), wat opgevat kan worden als een daling van het modale aandeel van de individuele vervoersmiddelen tot minder dan 50%. Het modale aandeel van de individuele vervoersmiddelen bedraagt 76% in 2014 en een lineaire interpolatie tussen 2014 en 2050 geeft voor 2030 een doelstelling van 65%. Aangezien de beschikbare statistieken enkel de wagen (en de motor) opnemen in de individuele verplaatswijzen, heeft deze doelstelling enkel betrekking op deze wijze.

Evolutie: dit modale aandeel bleef stabiel tussen 82% en 83% in de jaren 1990 en daalde tussen 2000 en 2007 tot een stabiel niveau van 79% vanaf 2008. Het modaal aandeel van de wagen steeg opnieuw vanaf 2012 en bereikte 81,0% in 2016. In 2016, bedroeg het modale aandeel van het collectief vervoer 11,3% voor bus, touringcar, tram en metro (tussen 11% en 12 tussen 1990 en 2000) en 7,7% voor het spoor (ongeveer 6% tussen 1990 en 2000).

Internationale vergelijking: tussen 1995 en 2016 daalde het modale aandeel van de wagen in België, terwijl het in de EU28 licht stijgt sinds 1995. In een verdeling van de lidstaten in drie groepen behoort België in 2016 tot de middelmatig presterende groep en het scoort beter dan het Europese gemiddelde.

VN-indicator: de gekozen indicator stemt overeen met indicator 9.1.2 - Aantal passagiers en hoeveelheid vervoerde goederen naar vervoerswijze.

Bronnen