Overmatige schuldenlast van de gezinnen

  •  02/06/2017
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
België57.061.068.176.283.989.092.497.197.695.65.92.6
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens geslacht - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
vrouwen27.929.933.237.140.743.244.947.247.446.35.82.6
mannen29.031.134.839.143.245.847.549.950.249.26.02.7
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Overmatige schuldenlast van de gezinnen volgens leeftijd - België

duizend personen met een collectieve schuldenregeling

 20072008200920102011201220132014201520162016//20072016//2011
18-241.41.62.12.32.42.22.12.01.91.72.0-6.7
25-3412.113.014.817.119.020.020.721.521.020.05.71.0
35-4418.118.720.222.224.125.326.427.827.827.34.72.6
45-5415.416.718.520.422.323.824.525.726.225.85.92.9
55-647.58.19.210.511.812.813.514.514.814.87.94.6
>642.42.73.23.64.24.85.15.65.96.010.57.3
//: gemiddelde groeivoeten

NBB (2015, 2016, 2017), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2014-2015-2016; NBB (2015), Rechtstreekse mededeling van gegevens 2007-2009 (op 05/05/2015); Nationale Bank van België.

Deze tekst komt uit het rapport Aanvullende indicatoren naast het bbp van februari 2018.

Definitie: personen die geconfronteerd worden met overmatige schuldenlast of ernstige financiële moeilijkheden kunnen een beroep doen op de gerechtelijke procedure van collectieve schuldenregeling. Een schuldbemiddelaar zal in het kader van die procedure een aanzuiveringsplan van alle uitstaande schulden opstellen en het maandbedrag bepalen dat de betrokkene nodig heeft voor zijn lopende uitgaven. Dat bedrag moet voldoende zijn om een menswaardig bestaan te leiden en kan niet lager liggen dan het leefloonbedrag op maandbasis. De Centrale voor kredieten aan particulieren (CKP) centraliseert in België bepaalde gegevens over het aantal lopende collectieve schuldenregelingen. Die indicator wordt uitgedrukt in duizenden personen en de gegevens komen van de Nationale Bank van België (2017).

Evolutie: het aantal personen met een lopende procedure tot collectieve schuldenregeling steeg onafgebroken van 56 952 in 2007 tot 97 363 in 2015. In 2016 daalde dit tot 95 569. De problematiek van de overmatige schuldenlast is complex. Er kunnen immers achterstallen zijn op meerdere kredieten. Bovendien kunnen ook personen met niet-kredietgerelateerde schulden (zoals fiscale schulden of betalingsmoeilijkheden met facturen in verband met gezondheidszorg, energie, telefoon of huur) een beroep doen op een collectieve schuldenregeling. Dit is het geval voor bijna drie op tien personen met een collectieve schuldenregeling [NBB (2016), Centrale voor kredieten aan particulieren, Statistieken 2016, Brussel: Nationale Bank van België, p.14].

Door verschillen in wetgeving zijn er binnen de EU geen geharmoniseerde gegevens beschikbaar over dat type regeling voor personen met overmatige schuldenlast.

Doelstelling: de Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat de volgende doelstelling: "Iedereen zal beschikken over een inkomen uit arbeid, uit vermogen of afkomstig van sociale beschermingsstelsels en heeft toegang tot diensten van algemeen belang. Iedereen zal aldus gedurende alle fasen van zijn leven kunnen voorzien in alle behoeften om menswaardig te leven" (doelstelling 2). De procedure van collectieve schuldenregeling voorziet dat het maandbedrag dat de betrokkene nodig heeft voor zijn lopende uitgaven voldoende moet zijn om een menswaardig bestaan te leiden en niet lager mag liggen dan het leefloonbedrag. Omdat de procedure van collectieve schuldenregeling specifiek gericht is op personen die door hun overmatige schulden in een situatie dreigen terecht te komen die het hen onmogelijk maken een menswaardig te leven, wordt in dit rapport een daling van het aantal personen met een collectieve schuldenregeling als impliciete doelstelling beschouwd die aansluit bij bovenvermelde doelstelling van de Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling.