Dagelijkse rokers

  •  02/06/2017
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.
The chart will appear within this DIV.

Dagelijkse rokers

procent van de bevolking van 15 jaar en ouder, aangepaste trends

 20002005201020152015//20002015//2010
België23.521.519.818.1-1.7-1.8
Duitsland24.823.521.920.7-1.2-1.1
Frankrijk25.323.621.920.5-1.4-1.3
Nederland25.422.820.318.0-2.3-2.4
//: gemiddelde groeivoeten

WIV; WHO (2015), WHO global report on trends in prevalence of tobacco smoking 2015, http://www.who.int/ (geraadpleegd op 01/12/2017).

Dagelijkse rokers volgens geslacht - België

procent van de bevolking van 15 jaar en ouder

 199720012004200820132013//19972013//2008
vrouwen19.719.919.717.716.4-1.1-1.5
mannen31.228.628.023.621.6-2.3-1.8
//: gemiddelde groeivoeten

WIV (2014), Gisle L., Het gebruik van tabak, in: Gisle L., Demarest S. (ed.), Gezondheidsenquête 2013. Rapport 2: Gezondheidsgedrag en leefstijl, WIV-ISP, Brussel; WIV (2017), Belgian Health Interview Survey - Interactive Analysis, https://hisia.wiv-isp.be/ (geraadpleegd op 23/11/2017).

Dagelijkse rokers volgens opleiding - België

procent van de bevolking van 15 jaar en ouder

 199720012004200820132013//19972013//2008
lager onderwijs26.321.125.422.118.4-2.2-3.6
lager secundair onderwijs32.027.528.129.126.0-1.3-2.2
hoger secundair onderwijs27.127.327.325.125.6-0.40.4
hoger onderwijs20.020.718.113.111.8-3.2-2.1
//: gemiddelde groeivoeten

WIV (2014), Gisle L., Het gebruik van tabak, in: Gisle L., Demarest S. (ed.), Gezondheidsenquête 2013. Rapport 2: Gezondheidsgedrag en leefstijl, WIV-ISP, Brussel; WIV (2017), Belgian Health Interview Survey - Interactive Analysis, https://hisia.wiv-isp.be/ (geraadpleegd op 23/11/2017).

Dagelijkse rokers volgens inkomen - België

procent van de bevolking van 15 jaar en ouder

 199720012004200820132013//19972013//2008
kwintiel 128.027.028.626.224.4-0.9-1.4
kwintiel 226.523.325.622.221.5-1.3-0.6
kwintiel 328.325.223.021.021.3-1.80.3
kwintiel 424.223.423.320.818.4-1.7-2.4
kwintiel 519.323.119.514.311.6-3.1-4.1
//: gemiddelde groeivoeten

WIV (2014), Gisle L., Het gebruik van tabak, in: Gisle L., Demarest S. (ed.), Gezondheidsenquête 2013. Rapport 2: Gezondheidsgedrag en leefstijl, WIV-ISP, Brussel; WIV (2017), Belgian Health Interview Survey - Interactive Analysis, https://hisia.wiv-isp.be/ (geraadpleegd op 23/11/2017).

Deze tekst komt uit het rapport Aanvullende indicatoren naast het bbp van februari 2018.

Definitie: aandeel van de bevolking van 15 jaar en ouder dat aangeeft dagelijks te roken. De gegevens komen van de nationale gezondheidsenquêtes uitgevoerd door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid (2014 [Voor de gezondheidsenquête van 1997 werden er 10 221 personen ondervraagd. Voor die van 2001: 12 111; van 2004: 12 650; van 2008: 8 836 en voor die van 2013 werden er 10 834 personen ondervraagd]) die de resultaten ervan ter beschikking stelt, onder meer aan de Wereldgezond­heids­organisatie. De hier gebruikte gegevens komen van het Rapport van de Wereldgezondheids­organisatie (2016) dat vergelijkbare data voor de landen publiceert. Voor de opsplitsingen worden de gegevens van de door het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid uitgevoerde nationale gezondheidsenquêtes (2014) gebruikt omdat die meer details geven.

Evolutie: volgens die enquêtes blijft het aandeel dagelijkse rokers, vooral tussen 2004 en 2013, dalen. Er moet opgemerkt worden dat de Kaderovereenkomst inzake de bestrijding van het tabaksgebruik van de Wereldgezondheidsorganisatie in 2005 van kracht is geworden. Die is juridisch bindend en heeft tot doel "het wijdverbreide tabaksgebruik en de blootstelling aan tabaksrook permanent en in aanzienlijke mate te verminderen" (Art.3, vertaling FPB) [WHO (2004), WHO Framework Convention on Tobacco Control. Resolution WHA56.1, World Health Organization, http://www.who.int/]. België heeft die overeenkomst in 2004 geratificeerd en heeft in hetzelfde jaar het Federaal plan ter bestrijding van het tabaksgebruik goedgekeurd. Als gevolg van dat plan werden er geleidelijk aan maatregelen ingevoerd, zoals het verbod op de verkoop van tabak aan personen jonger dan 16 jaar, het rookverbod op de werkvloer en het bevorderen van preventieprogramma's en rookstopmethodes. Tussen 2000 en 2015 daalde het aandeel dagelijkse rokers met 5,4 procentpunt.

De buurlanden van België hebben een gelijkaardig aandeel dagelijkse rokers en tonen een gelijkaardige evolutie, namelijk een trage vermindering. Het aandeel dagelijkse rokers in België ligt onder dat aandeel in de buurlanden en dit over heel de beschouwde periode.

Doelstelling: de Federale beleidsvisie op lange termijn inzake duurzame ontwikkeling bevat de volgende doelstelling: "de morbiditeit/mortaliteit door chronische ziekten zal teruggebracht zijn" (doelstelling 7). Aangezien tabaksgebruik erkend wordt als oorzaak van talrijke aandoeningen, moet het aandeel dagelijkse rokers dalen om in de richting van de doelstelling te gaan.

De duurzame-ontwikkelingsdoelstellingen van de VN (SDG’s) bevatten de volgende subdoelstelling: "Waar nodig de implementatie van de kaderovereenkomst van de Wereldgezondheidsorganisatie over tabakscontrole versterken" (subdoelstelling 3.a).

Opsplitsing volgens geslacht en inkomenscategorie

Het aandeel vrouwen dat dagelijks rookt is kleiner dan dat van mannen. Het daalt echter minder snel, wat leidt tot een toenadering tussen die groepen. In 1997 rookte 31,2 % van de mannen immers dagelijks, tegenover 19,7 % van de vrouwen. Dat is een verschil van 11,5 procentpunt. In 2013 rookten 21,6 % van de mannen en 16,4 % van de vrouwen dagelijks, waardoor het verschil verminderde tot 5,2 procentpunt.

Personen in het eerste kwintiel (laagste inkomens) roken meer dan anderen en personen in het vijfde kwintiel (hoogste inkomens) roken het minst. Het verschil bedraagt 12,8 procentpunt in 2013.